TALENTEN

Het werk van Fedrik Vaessen ontstaat door een proces van assemblage met mechanische onderdelen, horens, ornamenten, buizen, wasachtige materie en zelfgemaakte voorwerpen.  Door te spelen met deze elementen ‘vindt’ hij buitenaardse vormen die worden versmolten tot functioneel-onduidelijke sculpturen met symbolische en sciencefiction ondertonen. Hij ziet een toekomstige wereld voor zich waarin posthumanistische wezens verweven zijn met door de mens gemaakte objecten, die zijn losgemaakt van hun originele functionaliteit en gekneed tot een nieuwe archetypische en culturele betekenis. Vloeistof verbindt en versmelt deze organismen aan elkaar tot nieuwe hybride wezens. Hun huid van glans en weefsel brengt de werken tot leven, maar hoe zij gevoed worden en waarmee blijft onduidelijk. 

Het werk van Kelly Christogiannis gaat over kleine dingen in het leven die haar inspireren en waar ze later op kan terugblikken met een lach of een traan. Hoewel zij verschillende media gebruikt en verschillende thema’s is de schilderkunst en de Griekse mythologie goed vertegenwoordigd. Zelf omschrijft ze zich als een nostalgie verzamelaar op zoek naar momenten: ‘waarin mijn ouders faalden een goede tandenfee te zijn, waarin mijn kat die Snoesje heette stropdassen droeg, waarin ik dood gegooid werd met boeken over Griekse mythologie, waarin ik niet meer geloofde in Sinterklaas, waarin ik Barbie poppen haatte en waarin ik zei dat ik alleen met een paard zou trouwen en nooit met een man.’

Larissa Schepers gebruikt traditionele textieltechnieken zoals weven, breien en borduren. Waar de mensheid zichzelf dwingt sneller te gaan dan de tijd, vertraagt Larissa het liefst door arbeidsintensief werk te creëren. Deze materiële benadering resulteert in een vernieuwing van vergeten ambachten en tegelijkertijd streeft ze ernaar deze kennis te behouden. Menselijk gedrag en sociale waarden zijn terugkerende onderwerpen en bronnen van inspiratie waarbij ze vooral kralen inzet als haar universele taal in het creëren van ruimtelijke objecten. Haar werk is te omschrijven als intrigerend, uitnodigend en herkenbaar en roept de kijker bijna op haar werk aan te raken en zo aandacht te schenken aan de onderwerpen die Larissa wil aansnijden.

Renée Bus brengt in haar werk een symbiose tot stand tussen het menselijke en het niet menselijke. Een vanzelfsprekendheid die zij niet terugziet in Nederland waar we een onderscheid maken tussen mens en rots, boom, plant, schimmel en de elementen. Renée werkt vanuit haar intuïtie totdat haar sculpturen van klei of textiel afstand van haar nemen en een autonome positie ontstaat. ‘Zoals een overgroeide ruïne soms één lijkt met het landschap, onlosmakelijk met elkaar verbonden.’ De artefacten zijn onderdeel van een narratief dat gaat over leven, dood, tijd en plaats. Aan haar werk is de echo van de geschiedenis verbonden in de zoektocht naar hedendaagse folklore. ‘De ervaringen en indrukken van het dagelijks leven, verweef ik van routine naar ritueel. Zoals het meedragen van een edel object in mijn broekzak.’

Shanna Huijbregts’ praktijk bestaat uit haar missie om balans te vinden tussen enerzijds de speeltuin en anderzijds die oneindige bouwplaats, die zich allebei binnen hetzelfde gebied bevinden. Hierbij verenigt zij het zachte textiele met het harde van keramiek. Als schilder is Shanna van het doek afgestapt; kaders zijn er om op te rekken door middel van spel en spelen. Van binnenuit focust ze op het verkennen van de connectie tussen lichaam en geest, wat zich uit via kleuren tot op de rand van het overdrijven. In de hoop de gevoelens van kleur te manifesteren spiegelt ze haar innerlijke zelf en leert in dat proces meer over haarzelf en de ander.

Sofie Hollander toont in haar praktijk het performatieve aan in ieders strategie voor overleving. Het dagelijks ethisch doolhof waarin vragen worden gesteld zoals ‘hoe, wat, wie en waarom’ is in haar woorden te vergelijken met een ‘militaire hindernisbaan’. In haar werk vraagt zij zich af wat er gebeurt als we daar een speeltuin van maken. Kunnen we dan beveiligingscamera’s kapot bijten, muziekinstrumenten maken van verkeersborden of een expositieruimte starten in het houten huisje naast de glijbaan? Met de inzet van haar alter ego als de waarzegger ‘Adivinadora’ biedt Sofie het publiek een magische speelruimte om hen te confronteren met de angst voor het onbekende.

nl_NLNL